Tijs Goldschmidt

Section Plant Genetics | Radboud University Nijmegen | The Netherlands

Tijs Goldschmidt

Tijs Goldschmidt (1953) is bioloog en schrijver. Als onderzoeker verbonden aan de Rijksuniversiteit Leiden woonde en werkte hij van 1981 tot 1986 aan de Tanzaniaanse oevers van het Victoriameer om er de cichliden te bestuderen, baarsachtige visjes waarvan in een opmerkelijk tempo nieuwe soorten verschenen.

Tijs Goldschmidt Goldschmidt was er getuige van hoe door menselijk handelen het ecosysteem in en rond het Victoriameer volledig ontwrichtte. Visserijbiologen hadden er nijlbaars uitgezet, een roofvis die de cichliden massaal uitroeide. De visserij op nijlbaars bloeide op, landbouwers werden vissers en dorpen veranderden in kleine steden;  het leven van miljoenen Afrikanen veranderde ingrijpend. In 1994 publiceerde hij hierover het boek Darwins Hofvijver, waarin wetenschappelijke reflecties zijn verweven met persoonlijke verslagen van de soms bizarre voorvallen tijdens zijn verblijf in Tanzania.

 

 

 

 

Darwins Hofvijver

Darwins Hofvijver Over Darwins hofvijver:
"De mengvorm van reisverslag, wetenschappelijke verhandeling en literair verhaal maakt Darwins hofvijver tot een persoonlijk boek, waarin even soepel wordt geschreven over evolutie en uitsterven, als over handel en wandel van de witte man in het zwarte land. Deze vorm bood Goldschmidt de mogelijkheid om op een andere dan de strikt wetenschappelijke manier over biologie te schrijven. Zoals hem dat ooit voor ogen stond, geïnspireerd als hij was door de zintuiglijke observaties van schrijver/bioloog Dick Hillenius."
De Groene Amsterdammer 18 augustus 2001

BOOK REVIEW

 
Omslagen van de Engelse, Duitse, Franse, Italiaanse, Chinese en Poolse uitgaven van Darwins Hofvijver.

Uit Darwins hofvijver (5e druk 1996):

"Voor de Tanzanianen begint de dag om zes uur ’s morgens. Dan gaat het eerste uur in. Twaalf uur later eindigt de dag en begint het eerste uur van de avond. Een neveneffect van deze uurtelling is dat Tanzanianen en westerse toeristen elkaar mislopen met mathematische precisie. Toeristen verschijnen op afspraken gewoonlijk zes uur te vroeg. Na enkele weken uit fase te hebben gelopen met de bewoners van dit land, keren ze teleurgesteld naar huis terug in de veronderstelling dat het zinloos is een afspraak te maken met een Tanzaniaan.
Overigens is het waar dat onze hang naar stiptheid de meeste Tanzanianen overdreven voorkomt. Velen maken liever geen afspraken, maar komen aanwaaien zoals het uitkomt. Ontmoetingen vinden heus plaats wanneer het tijdstip daar is. Onontkoombaar zelfs. Het is beter je daar niet mee te bemoeien. Hoe vreemd onze stiptheidseisen sommige Tanzanianen voorkomen, bleek pas weer toen ik een brief ontving van een bevriende Tanzaniaan. De brief begon als volgt: 'Hedenmorgen om tien over vier precies trof ik in ons postvak jouw brief...'" (pp49-50)

Haplochromis nyereri Haplochromis nyereri

"... maar in de natuur is het kiezen van een partner niet zo eenvoudig. Dit probleem is niet specifiek voor stekelbaarzen. Alle vrouwtjes die achtereenvolgens verschillende mannetjes tegenkomen, kampen er mee. Een vrouwtje zou een aantal basiseisen in haar hoofd kunnen hebben, waaraan een partner ten minste moet voldoen, een interne standaard. Ontmoet ze een mannetje dat aan deze rigide minimumeisen voldoet, dan zoekt ze niet verder. [...] Een ander vuistregel die vrouwtjes zouden kunnen hanteren is de volgende: het vrouwtje vergelijkt achtereenvolgens een aantal mannetjes en kiest op het moment dat ze niet verwacht dat verderzoeken iets beters zal opleveren. Ook zou een vrouwtje alle mannetjes kunnen afgaan, om dan ten slotte te kiezen voor het beste mannetje dat erbij was. Wiskundig kan worden aangetoond dat deze laatste strategie de beste is, mits het zoeken van een geschikt mannetje het vrouwtje niets kost (tijd, blootstelling aan roofvijanden, enzovoort), maar dat is meestal niet het geval." (p165)

Haplochromis obliquidens Haplochromis obliquidens

"Het uitsterven van soorten is niets bijzonders. Naar schatting is meer dan 99 procent van alle soorten die ooit op aarde leefden, uitgestorven sinds ongeveer 3,5 miljard jaar geleden het leven ontstond. Op zoek naar theorieën over uitsterven verbaasde het me dat er in vergelijking met andere evolutiebiologische onderwerpen zo weinig over te vinden is. Er zijn bibliotheken vol over het ontstaan van soorten, masar als er een plank gevuld kan worden met verhandelingen over uitsterven, is het veel. Tevergeefs zocht ik naar het tijdschrift Extinction: het bestaat niet. Zouden biologen dit deprimerende onderwerp soms verdringen? [...] Raup, een paleontoloog van de Universiteit van Chicago, vergeleek de verwaarlozing van het onderwerp 'uitsterven' met een demograaf die populatiegroei bestudeert en daarbij intensief aandacht schenkt aan geboorten, maar sterfgevallen negeert." (p211)

To Top of Page
 

Oversprongen

Oversprongen In 2000 publiceerde Tijs Goldschmidt Oversprongen, een bundeling van essays over biologie, westerse- en Oceanische beeldende kunst en literatuur. De bundel bevat ontmoetingen met spreeuwen die mobiele telefoons imiteren, gibbons die zich gedragen als de gentlemen van het regenwoud en gaaien die liegen over de plaatsen waar ze hun eikels verstopt hebben. Daarnaast portretteert Goldschmidt een aantal door hem bewonderde kunstenaars zoals de schilders Lucassen en Emily Kame Ngwarreye en vakgenoten zoals Niko Tinbergen en Dick Hillenius.

Uit Oversprongen:

"Uitnodigend lonkt een asymmetrisch gebouwde krab bij de ingang van zijn holletje op het strand. Hij takelt die ene reusachtige schaar omhoog en wenkt traag met een bijna plechtig gebaar. Buig je je voorover dan zie je pas de andere schaar, een miezerig hangend pootje dat altijd zijn eetgerei is gebleven."

Op 16 oktober 2001 is aan Tijs Goldschmidt de Jan Hanlo Essayprijs Groot 2001 uitgereikt voor Oversprongen. Uit het juryrapport:

"Goldschmidt schrijft over vogels, vissen, Papoea's, biologie, biogeografici, over de overeenkomsten tussen mens en dier, de oorsprong van de taal, poëzie, memen en over Nescio, Springer, Hillenius, Alfred Russel Wallace, Nico Tinbergen, Darwin en eilanden als evolutionaire proeftuinen. Deze diversiteit duidt er al op dat hij van afwisseling houdt, steeds door iets anders gegrepen wordt. Maar het belangrijkste, dat wat Oversprongen onderscheidt, is wat je Goldschmidts oog voor de poëzie van de feiten zou kunnen noemen."

To Top of Page
 

De Andere Linkerkant

De andere linkerkant Het onderscheid tussen links en rechts beheerst op allerlei manieren ons dagelijkse leven. En toch is het zelfs voor wetenschappers moeilijk om aan te geven waar het verschil in zit. In De andere linkerkant (2003) laat Tijs Goldschmidt zien hoe biologen en psychologen, maar ook kunstenaars en alle andere links- en rechtshandigen proberen hier greep op te krijgen. Over links en rechts wordt iedereen voordurend gedwongen na te denken, maar zonder goed te weten wat het is.
De andere linkerkant is gebaseerd op de eerste Stephen Jay Gould lezing, die Goldschmidt op 20 mei 2003 in Leiden uitsprak.

De andere linkerkant (1e druk 2003):

"Bij de meeste slakkensoorten hebben alle individuen een rechtsgewonden slakkenhuis - dat wil zeggen dat de mondopening van de slak beneden aan de rechterkant zit [...] maar een enkele maal komt er een linksgewonden exemplaar voor. Wanneer huisjesslakken paren worden ze in hun mogelijkheden beperkt doordat ze zo asymmetrisch zijn gebouwd, het huisje zit in de weg, vooral als het zoals bij de wijngaardslak een bolle vorm heeft. De geslachtsorganen van rechtsgewonden slakken zijn achter de rechterkant van hun kop geplaatst. Parende slakken wrijven net zo lang met de koppen tegen elkaar aan totdat hun genitale openingen contact maken, waardoor wederzijdse bevruchting mogelijk wordt. Het is een tijdrovend gedoe dat dagen in beslag kan nemen. Maar het kan nog erger. Wanneer een zeldzaam linksgewonden exemplaar met een rechtsgewonden slak probeert te copuleren, volgt een geslijm dat maandenlang kan duren en, vertaald in mensentermen, nog het meest doet denken aan een kabinetsformatie. Wekenlang schurken de slakken tegen elkaar aan en proberen de ander, op zoek naar hun respectieve geslachtsopeningen, de juiste wang toe te keren. Tevergeefs." (pp30-31)

To Top of Page
 

Wegkijken

Wegkijken Tijs Goldschmidt heeft uit de enorme collectie van het Spaarnestad Fotoarchief ruim vijftig foto’s geselecteerd die bij hem een gevoel oproepen van verontwaardiging en plaatsvervangende schaamte. Zijn persoonlijke, intrigerende keuze werd van 18 september t/m 5 december 2004 in De Hallen in Haarlem geëxposeerd.

Het zijn vaak onthutsende beelden die hem doen willen wegkijken. Dit kan zijn door het onderwerp, zoals dierenleed tot vermaak, sekstoerisme, stuitende omgang met vluchtelingen, machtsmisbruik, de tegenstellingen tussen arm en rijk. Maar ook de benadering kan schaamte opwekken: fotografie als middel om ons te vermaken met de ellende van anderen.

Karakteristiek voor de foto's is dat er een dader en een slachtoffer te zien zijn. "Wanneer ik mij kan identificeren met de dader", zegt Tijs Goldschmidt, "en verwerp wat die de ander aandoet, dan voel ik plaatsvervangende schaamte. Soms is de fotograaf de dader: had die niet moeten helpen in plaats van een foto te maken? "

Over zijn zoektocht door het enorme archief en over de werking van schaamte en plaatsvervangende schaamte schreef Goldschmidt een schitterend essay, dat samen met de foto's, onder andere van Cas Oorthuys, Gilles Peress en Susan Meiselas, is opgenomen in het boek Wegkijken (2004).

To Top of Page
 

VPRO Zomergast 2004

Tijs Goldschmidt was op zondagavond 22 augustus 2004 te gast bij de VPRO in het programma ZOMERGASTEN.

Tijs Goldschmidt
Tijs Goldschmidt | Foto: VPRO Zomergasten 2004
To Top of Page
 

Huizingalezing 2007

Tijs Goldschmidt sprak op 14 december 2007 in de Pieterskerk in Leiden de 36e Huizingalezing 2007 uit. Ter gelegenheid daarvan sprak Joyce Roodnat van NRC Handelsblad met Tijs Goldschmidt tijdens een wandeling door Artis. Het interview kan hier worden bekeken.

Huizingalezing 2007

De Huizingalezing kan hier worden beluisterd. en een bekorte versie van de lezing is hier te lezen. De complete tekst is verschenen bij uitgeverij Prometheus in Doen alsof je doet alsof.

To Top of Page
 

Kloten van de engel

Kloten van de engel In Kloten van de engel - Beschouwingen over de natuurlijkheid van cultuur (2007) is plaats voor wetenschap en kunst, voor dieren en mensen, voor schoonheid en gekte. In een lichtvoetige stijl onderzoekt Tijs Goldschmidt de grenzen tussen natuur en cultuur, en hij komt tot opmerkelijke conclusies. Cultuur is vaak natuurlijker dan we denken. Zo vertoont de vloer van de salsaschool, waarop blanke vrouwen met donkere mannen dansen, overeenkomsten met de baltsarena van kemphanen.

Goldschmidt schrijft over evolutie, antropologie en kunst. Altijd weet hij deze onderwerpen op een verrassende manier met elkaar te verbinden. Of het nu gaat over de evolutie van wateraap tot mens, over 'nuttige' kunst uit Papoea die toch in een museum tentoongesteld wordt, over een volk dat geen woorden heeft voor de begrippen 'leven' en 'dood', of over het moedwillig vernielen van schilderijen: elk onderwerp krijgt in de behandeling van de schrijver een extra dimensie.

Op 30 december 2007 sprak Wim Brands met Tijs Goldschmidt in het VPRO programma Boeken over dit boek en over de door hem uitgesproken Huizingalezing.

To Top of Page
 
Samenstelling: Wim Reijnen 2008